Werken in de videotheek of in het ziekenhuis?

Het leukste bijbaantje dat ik ooit heb gehad, was werken in de videotheek. Ik vertelde dat laatst aan mijn kinderen, maar die begrepen niet wat een videotheek was. Nadat ik het uit had gelegd, was ik volgens hen opeens een boomer. Zucht.
Terug naar mijn favoriete bijbaantje bij Videotheek Hollywood aan de Daalseweg in Nijmegen. Wat was daar nou zo leuk aan? Eigenlijk alles. Ik ben nog steeds een enorme filmliefhebber, en ik mocht toen als armlastige student onbeperkt gratis films kijken. Dat werd zelfs verwacht van de medewerkers, om goed advies aan klanten te kunnen geven. Dat was nóg zo'n leuk aspect aan het werken in de videotheek; advies geven. In mijn huidige werk doe ik dat nog steeds; soms gevraagd en vaak ongevraagd.
Bij klanten in de videotheek was het de kunst om erachter te komen wat hen aansprak in een film. Ik had op een gegeven moment door dat het goed werkte om te vragen naar hun drie lievelingsfilms. Dan kon je doorgaans wel raden welke film daarbij paste. Tegenwoordig heb je daar A.I. voor; "…klanten die dit product kochten, vonden … ook leuk".
De klant die me het meest bij is gebleven, was een jongen die altijd Disneyfilms en horrorfilms huurde. Ik vroeg hem op een keer waar die bijzondere combinatie van genres toch vandaan kwam. Hij vertelde me dat hij niet kon lezen, en dat hij daardoor alleen Nederlandstalige tekenfilms en horrorfilms met zo min mogelijk tekst kon volgen. Je maakt wat mee in de videotheek.
Hoeveel lastiger lijkt mij het beroep van arts tegenwoordig. De "klanten" zijn geen klanten, want ze kiezen er niet voor om ziek te worden. Alleen daarom al is het idee van "marktwerking in de zorg" wat mij betreft een onzalige route. Patiënten kiezen er niet voor om ziek te zijn, en dat betekent dus ook dat de meeste mensen niet vrolijk en relaxed de spreekkamer binnen zullen stappen.
“De klanten zijn geen klanten, want ze kiezen er niet voor om ziek te worden.”
In 2013 bezocht ik het ESMO congres in Amsterdam. Daar las ik een poster over burn-out klachten onder jonge, Europese oncologen. Maar liefst 80% had er last van. Sindsdien heeft dit onderwerp mijn aandacht; hoe beleven artsen hun beroep?
Dubbele vergrijzing
Dubbele vergrijzing legt niet alleen meer druk op de zorg vanwege het toenemende volume aan zorgvraag, de problematiek wordt ook complexer. Daar waar vroeger een patiënt met één aandoening binnenkwam, komt het tegenwoordig vaker voor dat een patiënt al twee of drie aandoeningen heeft, en daar komt dan een vierde aandoening bovenop. Concreet betekent dit voor de behandelaar dat het werk verschuift van "de juiste diagnose stellen en de juiste behandeling inzetten" naar "puzzelen hoe die vierde aandoening het beste aangevlogen kan worden".
Een tweede opvallend gevolg van de dubbele vergrijzing is de verschuiving in de huisartsenzorg van "familiedokter" naar "stervensbegeleider". Daar waar vroeger de huisarts in zijn of haar werk een mooie balans trof tussen kraamzorg, kindergeneeskunde en ouderenzorg, ligt het zwaartepunt nu op palliatieve zorg.
Identiteitsshoppen
De tweede trend die we herkenden, was wat we noemen het "identiteitsshoppen"; de patiënt sprokkelt zelf zijn of haar zorg bij elkaar. Het keuzecriterium daarbij is de zelf gepercipieerde identiteit. Profvoetballer Matthijs de Ligt verwoordde het mooi: "IK ben topsporter. IK ben een atleet. IK heb dus geen coronavaccin nodig". Zelf je zorg kiezen op basis van je identiteit.
Wat het complex maakt, is dat patiënten steeds vaker zorgvragen hebben waarin het zorgstelsel niet geheel voorziet. Een mooi voorbeeld daarvan was het verhaal van een huisartsenpraktijk die de vraag kreeg van een patiënt hoe de afstandsbediening werkte. Op het oog een lachwekkend voorval, maar het onderliggende probleem is ernstig en groeiende: eenzaamheid.
Waar ik het meeste van schrok in dit onderzoek: bijna alle huisartsen die we spraken, overwogen serieus om te stoppen met hun werk binnen de komende vijf jaar.
Social media
Social media gaat fundamenteel een stap verder dan Dr Google: iedereen is nu opeens een schrijver. Elke gebruiker van social media heeft zijn eigen drukkerij onder de knop. Gecombineerd met de individualisering in de maatschappij, wordt alles opeens een mening waar respect voor opgebracht dient te worden. Elke willekeurige mening wordt gelijkgesteld aan expertise. Een filosoof vatte het onlangs mooi samen: "Dankzij de vrijheid van meningsuiting is de wereld boordevol met dom gelul".
Al met al zorgen deze trends ervoor dat in het werk van artsen steeds meer tijd, aandacht en energie uitgaat naar het managen en afstemmen van de interactie met de patiënt en alles daar omheen.
“Nederlandse artsen hebben niet nog meer informatie nodig, maar hulptroepen. En waardering.”
Nederlandse artsen hebben in mijn ogen niet nog meer informatie en uitleg nodig, maar hulptroepen. En waardering. Want het belangrijke beroep van arts in de huidige Nederlandse maatschappij staat in schril contrast met een ongecompliceerd bijbaantje in de videotheek. En die videotheek, die bestaat helaas niet meer. De Value Proposition was namelijk niet meer relevant…

Martijn Nap is epidemioloog en gezondheidseconoom, opgeleid aan de Radboud Universiteit. Hij werkte ruim 25 jaar op het snijvlak van zorg, data, technologie, marketing, en strategie, zowel internationaal als in Nederland. Vier jaar lang was hij algemeen directeur van IQVIA Nederland, wereldwijd marktleider in healthcare data, analytics en AI. Daarvoor vervulde hij internationale leiderschapsrollen binnen de life sciences sector. Vanuit Third Force Advisory adviseert hij bestuurders en organisaties over de toekomst van gezondheid, zorgtransformatie en maatschappelijke strategie.